niedziela, 7 kwietnia 2013

krok po kroku....



ZAZDROŚĆ  - de JALOEZIE

ik ben jaloers
je bent jaloers
hij is jaloers
zij is jaloers   etc.


Nie korzystam ze zwrotów, które występują w j. pol. jak np. To była zazdrość o .... coś, np. auto. Zawsze używamy sformułowania, np. ik was jaloers vanwege jij auto. 


vanwege - z powodu


Hij was thuis vanwege een ziekte - on został w domu z powodu choroby. 



sich ongerust maken - niepokoić się


Ik maak me ( mij) ongerust over iets....
Ik maakte me (mij) ongerust over iets....
We maakten ons ongerust over iets...




woede - gniew; wściekłość  ( czyt. łuden)

ik ben woedend - jestem wściekły
Ik ben woedend op.... je
Je bent wodend op ...iets.


ik ben boos - gniewam się ( łagodniejsza wersja)



de haat - nienawiść
haten - nienawidzić

ik haat het
we haten het



de Liefde - miłość;  

ik houd van je - kocham Cię lub coś
ik ben verliefd - jestem zakochany
ik ben verliefd op je, hem itd. 




huilen  - płacz, płakać

Ik huil { hail}
je huilt
hij, zij, het ( kind )  huilt 

we, jullie, ze huilen { hailen}








Brak komentarzy:

Prześlij komentarz